Home De Ploeg
NL | ENG

Mijn naam is Jan Borremans.
Ik ben op dit moment al 4 jaar aan het werken dankzij De Ploeg.

Nadat ik mijn getuigschrift metaalbewerking had behaald, wist ik eigenlijk niet goed waar ik naartoe kon. Ik kon een paar keer beginnen werken via interim-kantoren, maar ik mocht nooit blijven.

Dan ben ik via GTB bij De Ploeg terecht gekomen.

Eerst moest ik een paar weken in het centrum opdrachten doen samen met een paar anderen die ook een job aan het zoeken waren. We moesten bv. poetsen, keukenwerk doen, magazijnwerk, bandwerk,… Er stond altijd een begeleider of begeleidster bij ons die ons de uitleg gaf en die daarna keek hoe wij het deden.

Na die weken had ik een gesprek met mijn begeleidster. Ze zei me dat ik snel kan werken en ook altijd doorwerk, dat ik gemotiveerd ben om te gaan werken en dat ik alles wil uitproberen. Ik moest nog wel leren om nauwkeurig te werken en om minder stoer te praten. Als ze kritiek hadden, moest ik ook nog leren om hiernaar te luisteren en er proberen aan te werken. Ik ben eigenlijk heel verlegen en probeer stoer te praten om dat te verbergen.

Ze vertelde me dat ik verder mocht gaan in de opleiding.

Terwijl ze een goede stageplaats voor mij aan het zoeken was, volgde ik de opleiding in het centrum verder mee. Ik kreeg hier onder andere vorming om te leren luisteren, iets te doen met kritiek, op een goede manier te zeggen wat ik denk,… Samen met de andere cursisten, deden we rollenspellen. Daarna mochten we dan van elkaar zeggen wat we goed hadden gedaan, wat nog niet goed was en hoe dit beter kon.
Ik moest ook trainen om nauwkeuriger te werken.

Daarna mocht ik op stage in een magazijn. Ik moest het magazijn proper houden, het afval sorteren, de bestellingen op hun plaats zetten, enz. In het begin ging de stage niet goed. Mijn begeleidster kwam elke week langs, maar ik had het moeilijk met al die nieuwe mensen. Ik was stil en wist niet goed wat ik moest zeggen. Ik durfde ook niets te vragen. Op mijn vorige job hadden ze me gezegd dat ik niets mocht vragen, maar moest werken. Toen ik op die vorige job twee keer dezelfde vraag stelde, hebben ze gezegd dat ik niet meer moest terugkomen de volgende dag.

Dit hebben we samen met mijn begeleidster besproken. De ploegbaas vertelde me dat ik aan hem zoveel mocht vragen als ik wou. Voor hem was het belangrijkste dat ik mijn werk goed deed. Daarna heb ik dit ook gedaan. Na een paar weken, durfde ik ook aan mijn collega’s vragen stellen. Ik voelde me er goed. Maar het was een stage en ik kon er niet blijven.

Mijn begeleidster heeft dan direct een nieuwe stageplaats gevonden waar ik misschien wel kon blijven werken. Ook hier mocht ik stage doen in het magazijn. Doordat ik op mijn vorige stage geleerd had dat ik vragen mocht stellen, had ik minder tijd nodig om te leren hoe iets moest. Na 2 maanden stage besloot de baas dat ik mocht blijven en ik werk daar nu nog altijd.

Ik krijg nu ’s morgens een schema waarop staat wat ik moet doen. Ik begin bovenaan en duid aan wat ik al gedaan heb. Zo moet ik niet te veel vragen aan mijn collega’s. Ik durf nu wel vragen stellen, maar probeer het eerst zelf.